Kunst kijken

Kunst kijken

Den Haag kleurt rood-geel-blauw-zwart, deze zomer. De stad hult zich massaal in primaire kleuren. Honderden home-made-Mondriaans sieren de winkelruiten. Het stadhuis dat vanwege de rijzige witte façade ‘IJspaleis’ genoemd wordt, heet dit jaar Mondriaan Plaza vanwege een met blauw, rood en geel ingekleurd zwart lijnenspel op de zijgevels. De pr-machine van de gemeente draait op volle toeren bij de ­viering van het 100-jarig bestaan van de belangrijkste kunststroming die ons land ­internationaal heeft voortgebracht: De Stijl.

Oorspronkelijk was De Stijl een tijdschrift over kunst, opgericht in Leiden en met strakke hand geleid door Theo van Doesburg. Veel exemplaren werden er niet van verkocht, maar Van Doesburg had een neus voor talentvolle medewerkers en vrienden die elkaar inspireerden en het beste in elkaar naar boven haalden. Zo wist hij zich omringd door onder anderen de schilders Piet Mondriaan en Bart van der Leck, meubelmaker Gerrit Rietveld en architecten J.J.P. Oud en Jan Wils, modernisten die elkaar vonden in hun streven naar eenvoud en abstractie. Tussen 1917 en 1920 sloten diverse kunstenaars en architecten zich bij de groep aan en werden de uitgangspunten in een manifest verankerd.
De leden van De Stijl hielden zich aan een handvol strenge eisen voor vorm- en kleurgebruik. De meest elementaire vormen dienden weloverwogen en asymmetrisch gerangschikt te worden. Alleen onvermengde, primaire kleuren en ‘neutrale’ kleuren wit, grijs en zwart waren toegestaan. De vlakken en lijnen mochten uitsluitend in horizontale en verticale richting lopen. Opmerkelijk is dat veel werken van ‘De Stijl’-kunstenaars niet in alle opzichten voldeden aan de eigen regels. Rietvelds rood-blauwe stoel uit 1918 is een symmetrisch ontwerp en werd pas omstreeks 1923 van primaire kleuren voorzien. Waar een wil is is een weg. Er was Van Doesburg veel aan gelegen de uitgangspunten van De Stijl zuiver terug te zien, ook ten behoeve van de geschiedschrijving die hij bereid was te herschrijven. Zwart-wit reproducties van ontwerpen met oorspronkelijk secundaire kleuren kleurde hij in met primaire kleuren.

De viering van het 100ste verjaardag van De Stijl vindt niet alleen plaats in Den Haag, waar Het Gemeentemuseum aandacht besteedt aan de vriendschap tussen Mondriaan en Van der Leck, maar in het hele land. Een greep uit het aanbod: in ­Leiden wordt deze zomer een openluchtmuseum ingericht, in Breda is aandacht voor affiches en ander drukwerk en in Bergeijk kunt u op Rietveldsafari. Ook bent u welkom in Tilburg waar Museum De Pont het hele jaar rondleidingen organiseert met het thema ‘Waar zouden we zijn zonder Mondriaan?’ Of in Eindhoven waar het Van Abbemuseum zich verdiept in de ­maquette van Theo van Doesburgs ontwerp voor het beroemde ­cinema- en danslokaal Aubette in Straatsburg. In Utrecht fietst u vast wel even langs het Rietveld-Schröderhuis. In Amersfoort kunt u Piet Mondriaans geboortehuis bezoeken en in Winterswijk het woonhuis van zijn ouders. In Stadsmuseum Harderwijk presenteert gastconservator Sjarel Ex werk van het Hongaarse Stijl-lid Vilmos Huszár. En in het Kröller-Müller Museum op de Hoge Veluwe zijn komend najaar de 42 schilderijen en 400 tekeningen van Bart van der Leck te zien die ­Helene Kröller-Müller tussen 1912 en 1918 verzamelde.

Toch is de Hofstad ‘Stijlstad’ bij uitstek. Bart van der Leck (1876-1958) resideerde een tijdlang in de bloemenbuurt in Den Haag. Het precieze adres is mij onbekend, maar ik stel me graag voor dat hij een huis heeft bewoond aan het Papaverhof, ontworpen door Stijllid en architect Jan Wils. Wat het Rietveld-Schröderhuis is voor Utrecht, zijn de strenge Stijlwoningen aan het ­Papaverhof voor Den Haag. Wils kreeg in 1919 de opdracht eengezinswoningen te bouwen en daarbij ‘de grootst mogelijke zuinigheid te betrachten’ om een huurgrens van 650 gulden per jaar te kunnen halen. Het eindresultaat van Wils’ schepping werd algemeen gewaardeerd als een van de belangrijkste werken in de geest van De Stijl.

Bart van der Leck is samen met Piet Mondriaan verantwoordelijk voor de ‘handtekening’ van De Stijl, hij is de vader van het rood-geel-blauw – de vlakverdeling is van Mondriaan. Hun schildersvriendschap was gefundeerd op ­wederzijdse bewondering. Maar toen Mondriaan grijs door zijn verf ging mengen en Van der Leck de diagonaal in zijn doeken toeliet, raakten de twee van elkaar vervreemd.

Begin jaren vijftig bouwde architect Pierre Cuypers de Rijksluchtvaartschool op het terrein van vliegveld Eelde in Drenthe. Cuypers werkte vanuit het idee dat ‘in de ruimten een heldere, klare sfeer moest heersen, met orde, rust en zelfdiscipline als gevolg. Eigenschappen die de geestelijke toestand van toekomstige piloten ten goede moest komen’. Hij vroeg Bart van der Leck het kleurontwerp te maken voor zowel de gevel als het interieur van de school. Het werd Van der Lecks laatste werkstuk. Het gebouw bleef na de oplevering in 1957 tot 1991 in gebruik en raakte daarna in verval, maar kreeg onlangs de status van beschermd Provinciaal Monument en maakt zich op voor een nieuw leven. Om te beginnen is het onderdeel van de noordelijke aandacht voor de viering van 100 jaar De Stijl op een locatie die lijkt te zijn blijven steken in de hoopvolle jaren vijftig.

Ik heb mijn auto op de lege parkeerplaats van vliegveld Eelde gezet en sta, met mijn rug naar de toegangshal van de lucht­haven, oog in oog met een van de laatste originele Stijlcreaties. De strakke constructie van beton, staal en glas is – na zestig jaar – toe aan een grondige opknapbeurt, ja. Maar het architectonisch ontwerp en Van der Lecks passende gele en rode gevelvlakken en blauwe gordijnen achter de ramen staan tijdloos modern overeind. Het verlaten complex biedt naast de school ruimte aan werkplaatsen, garages en studentenwoningen waar ook Koning Willem Alexander tijdens zijn opleiding tot vlieger moet hebben gewoond. Ik zou hiervandaan een vliegtuig ­kunnen nemen richting Schiphol. Om net onder de wolken te ervaren wat de luchtreiziger ziet als hij in april ons land ­binnenkomt en over de bollenvelden scheert. De kaarsrechte kleurvlakken en de messcherpe zwarte sloten ertussen. Het landschap van Mondriaan en Van der Leck is dit voorjaar het ultieme feestelijke ­affiche van 100 jaar De Stijl in Nederland.

Bijschriften:
Het Haagse stadhuis (boven) en het bouwterrein bij station Den Haag Centraal: de pr-machine draait op volle toeren.
Eengezinswoningen aan het Papaverhof in Den Haag.
Voormalig opleidingcomplex in Eelde…
… en de voormalige Rijksluchtvaartschool
Bart van der Leck
Piet Mondriaan

Tekst Huug Schipper